De prijs van een te bouwen windmolen wordt uiteraard altijd gerelateerd aan het maximale vermogen. Een 3 MW windmolen wordt dus gebouwd alsof het echt een windmolen van 3 MW zou zijn. Maar die molen levert effectief op het land, dus gemiddeld, gedurende een jaar met niet meer dan die zojuist genoemde 18 of in uiterst zeldzame gevallen 30% van dat vermogen. Dat betekent niets anders dan : Men betaalt voor een machine gebouwd voor 3 MW maar het ding levert voor maar 18 tot hoogstens 30% daarvan elektriciteit die met onvoorspelbare horten en stoten ter beschikking komt. Zie weer de grafieken ! Dat betekent dat van het besteedde geld circa 82 tot 70% weggegooid geld is. (Veronderstel men bestelt een stoomturbine van 600 MW maximaal vermogen maar het ding is met geen mogelijkheid zover te krijgen dat hij effectief met meer dan 150 MW produceert. Omdat er toevallig zo weinig wind is.)
Verder zal het u duidelijk zijn dat zeer onvoorspelbaar geleverde kilowatturen aanzienlijk minder waard zijn dan kilowatturen waarop u iedere minuut van het jaar, dus met zekerheid, op kunt rekenen. U begrijpt: op de een of andere manier moeten er toch zeer forse subsidies voor de exploitatie van windmolens een rol spelen. Subsidies die door alle Nederlandse burgers opgebracht moeten worden. Subsidies voor een zeer onbetrouwbare levering van het product !.
Het is dus ook niet juist om een prijsvergelijking te maken tussen de betrouwbaar conventioneel in centrales geproduceerde kWh's en de prijs van kWh's die door windmolens hoogst onbetrouwbaar en wisselvallig worden geproduceerd. en waarvoor men dan ook op de energiemarkt niet eens tevoren een afspraak voor levering kan maken. 'Normale kWh's' en 'windmolen kWh's' hebben niet een gelijke geldswaarde. Volhouden dat dit wél het geval is lijkt op het vergelijken van de waarde van een kist met halfrotte appels met de waarde van een kist appels van perfecte kwaliteit.
Bovendien vergen, bij substantiele toepassing van windenergie, alle zeer kostbare maar noodzakelijke technische voorzieningen die getroffen moeten worden om de betrouwbaarheid van levering aan het net te waarborgen nog eens kosten die zeer vele malen hoger zijn dan alleen de kosten voor bouw en exploitatie van individuele windmolens. Zie hiervoor wat zojuist uitgelegd en getoond werd over het feit dat windmolens voor niet meer dan ca. 10 % tot betrouwbare opwekkers van elektriciteit voor een landelijk net gerekend kunnen worden. Ook hierover bewaren propagandisten van windenergie een diep stilzwijgen. Ik verwijs voor de waarheid over deze technische problemen naar het Duitse E.ON Windreport 2005, waarin al die onvermijdelijk bijkomende kosten voor Duitsland op enkele miljarden euro's worden geschat..
Het op realistische basis vergelijken van werkelijk alle kosten van door windmolens geproduceerde elektriciteit met de kosten van op conventioneel geproduceerde elektriciteit is daarom een buitengewoon gecompliceerde technische zaak maar waarvan de uitkomst sterk afhankelijk zal zijn van de 'politiek'. De "politiek" laat het, wat naief, voorkomen alsof men alleen windmolens hoeft te bouwen die dan als het ware gewoon via een simpel stopcontact aan het landelijke hoogspanningsnet aangesloten kunnen worden. En zo is het in de verste verte niet.